Ramen van de kweekkas gewit en klaar voor het seizoen.

30 maart 2019 - Bijdrage: Arnold van der Zijden

De ruiten van de kweekkas zijn alvst weer gewit voor het nieuwe seizoen. Ook zijn de klimrozen gesnoeid evenals de vlinderstruiken.

Vanaf zaterdag 7 april worden de vaste planten opgeschoond en de paden schoongemaakt, zodat Frans aan de herbestrating kan beginnen.

Het zaaien is in volle gang, maar de  opkomst is bescheiden, althans tot nu toe, maar het kan nog streng gaan vriezen (Pieter). Het moet wel kunnen, maar het is nog niet erg waarschijnlijk. En anders wordt opnieuw begonnen, houdt ons toch meteen van de straat.

Dagvlindercrisis

15 maart 2019 - Bijdrage: Olla Noorman

Er zijn zoveel soorten vlinders dat het vrijwel onmogelijk is om ze allemaal te leren kennen. Verreweg de meeste vlinders zijn nachtvlinders. De dagvlinders maken maar zo´n 5 procent van het totaal uit.

Beperk je je tot de vlinders van België en Nederland,  dan ben je snel klaar, temeer daar het slecht gaat met onze vlinders. Ieder decennium verdwijnen er wel een paar  soorten. Wie in de zomer een grote menigte vlinders ziet, denkt misschien dat het wel meevalt, maar je kunt het aantal soorten zo’n beetje op de vingers van één hand tellen: koolwitje, kleine vos, dagpauwoog, atalanta, distelvlinder.
  Sinds 1950 zijn er minstens vijftien van de inheemse dagvlinders uitgestorven. De oorzaak is de verandering in het gebruik van cultuurgrond.  Relatief veel blauwtjes zijn verdwenen omdat ze niet alleen van planten maar ook van mieren afhankelijk zijn. Blijft de plant leven maar verdwijnt de mier, dan is het einde verhaal. Een dergelijke ingewikkelde symbiose is erg kwetsbaar.

Gelukkig is het niet alleen maar kommer en kwel: het pimpernelblauwtje, dat van de pimpernel en de mier afhankelijk is, is met succes opnieuw geïntroduceerd. Maar zolang de pimpernel zeldzaam blijft en de mier vaak verdelgd wordt (!) , hangt ook het leven van dit blauwtje aan een zijden draad. Een nieuwe bedreiging vormen de vlinderliefhebbers die (o ironie!) het vlindertje willen fotograferen en daarbij het plantje pimpernel plattrappen.
  Omdat alle insecten het zwaar hebben, onder meer omdat hun leefgebied wordt bedreigd, kunnen wij tuiniers de verantwoordelijkheid op ons nemen om aan onze kant van de heg datgene te scheppen wat aan de andere kant verdwijnt of verdwenen is. 

(Met dank aan: De Tuin Scheurkalender 2019, Romke van de Kaa en Paul Geerts)

Hier bestellen

Wat kan je doen om schade van de buxusmot te beperken?

30 mei 2018 - Bijdrage: Arnold van der Zijden

Wat je ook doet: gebruik nooit gif om de buxusmot te bestrijden! Dat doodt ook alle andere dieren, zoals bijen, lieveheersbeestjes en vlinders. 
We zullen de buxusmot niet meer kwijtraken, maar waarschijnlijk zal de schade de komende jaren wel minder worden. 

Vervang je buxusstruiken door iets anders
De gemakkelijkste en meest effectieve manier is om je buxus te vervangen  door een struik die niet gevoelig is voor vraat. Denk bijvoorbeeld aan de liguster. Buxusmotten kunnen hier niet van leven. Bijkomend voordeel: de liguster bloeit in de zomer en biedt dan voedsel aan vlinders en bijen. Andere mogelijkheden: struikkamperfoelie (Lonicera), kleine hulstachtigen zoals Japanse hulst (Ilex crenata), aardbeiachtige struiken (Potentilla fruticosa) of inheemse vogelkers (Prunus).
 

Verwijder rupsen en poppen met de hand
Wat je ook kan doen: heel systematisch de rupsen en eventueel poppen uit de struiken verwijderen en zo ook vervolgschade klein houden. Misschien wel even wat werk, maar heel effectief.

Gebruik een feromonenval
Er zijn ook feromoonvallen in de handel. Hierin zit de specifieke sexlokstof van vrouwtjes die de mannetjes van de buxusmot aantrekken. Deze vliegen in de val en kunnen daar niet meer uit. De vlinders kunnen zich dus niet voortplanten. Er zijn verschillende feromoonvallen in de handel.

Hier bestellen

© VTV Lusthof